18-04-09

Rudi's ontboezemingen, het deel na het vorige

 

Het was een bitter koude woensdagavond in de maand december. Ik bevond mij in de sporthal, die gesitueerd is op zowat anderhalve kilometer van onze woning. Mijn jongens waren bezig aan hun voetbaltraining. Tijdens de wintermaanden wordt er immers af en toe in de sporthal getraind. Omwille van het mogelijks slechte weer, en vooral om de oefenterreinen buiten een beetje te sparen, zo werd me medegedeeld. De training, die gewoonlijk in de namiddag plaats vindt, van drie uur tot half vijf, werd verplaatst naar de avonduren, van zes uur tot half acht. Dit terwijl de training op donderdagavond, van half zes tot zeven, gewoon buiten doorging. Begrijpe wie dit begrijpen kan. Ik niet, dus.

Gezeten in mijn gemotoriseerd invalidenwagentje, aanschouwde ik van achter de zijlijn mijn voetballende kroost. Rechts van mij bevond zich, zittend op een tafeltje, mijn assistent. Met naast hem de grootvader van een spelertje. Die man heeft blijkbaar steeds veel te vertellen. Aan mijn assistent tenminste. Want mij ziet opa nimmer staan.

Op een bepaald moment passeerde me een man, die zich vervolgens links van me positioneerde. Ik keek hem aan. En hij mij ook... dacht ik. Vervolgens maakte hij een opmerking over het weer. Ik glimlachte breed. Niet zo zeer omdat zijn, allicht grappig bedoelde uitspraak, werkelijk geslaagd was, maar veeleer omdat ik blij was bij de gedachte dat ik eindelijk eens door iemand werd aangesproken. Niet dus! Dat werd me duidelijk toen mijn assistent die man een antwoord gaf, waaruit bleek dat de opmerking van net daarvoor, tot hem was gericht geweest.

Wordt ik vergezeld door een blanke man of vrouw, dan worden steevast zij aangesproken. Dat gebeurt zelfs met mensen aan wie ik reeds meermaals heb bewezen dat een normale communicatie met mij mogelijk is. En zelfs mijn eigen familie gedraagt zich zo! Ongelooflijk irritant! Ben ik in het gezelschap van mijn echtgenote, of een andere persoon met eenzelfde bruine huidskleur, dan worden we gewoonweg beiden genegeerd.

Om even terug te komen op het voetballen van mijn nageslacht. Na een jaar zeuren, zijn ze sinds eind augustus van vorig jaar ingeschreven bij een voetbalclub, wiens eerste elftal nationaal in de eerste klasse van het betaald voetbal speelt. Zoals hierboven aangehaald trainen ze in de winter soms binnen, maar normaliter vindt de training plaats op de jeugdterreinen, gelegen achter het stadion waar de eerste ploeg haar wedstrijden speelt. Twee keer per week trekken we daarheen. Regen, wind, noch koude deren ons.

Ook daar wordt ik dus door het merendeel der trainers, ouders en grootouders straalweg genegeerd. Een nagenoeg identieke situatie als aan de schoolpoort. Onderhand ben ik dan ook maar gestopt met iedereen steeds vriendelijk gedag te knikken. Het voelt immers ontzettend stom aan als het steeds van één kant moet komen en het is ergerlijk telkenmale te merken dat je blik wordt ontweken.

In den beginne was er een moeder van één van de spelertjes uit mijn jongens hun ploeg, die me steeds gedag zei. Tot ze me, in dronken toestand, op een lokale kermis eens aansprak en aan haar praten tegen mij ineens geen einde meer kwam. Niks pikant hoor, gewoon wat feiten over haarzelf en haar gezin. Het type zaken dat ik ook in nuchtere toestand aan mensen zou vertellen. Sindsdien mijdt de dame me echter angstvallig. Uit schroom? Bang omdat ze denkt iets verkeerd gezegd te hebben, maar niet wetend wat? Geen idee, en het kan me eigenlijk ook geen zier schelen.

In de maand januari ging er een tornooi door in de sporthal, waarover ik het reeds eerder in dit stukje had. Vijf weken na elkaar werd er telkens tegen een andere regionale club gespeeld. Op één van die tornooidagen was er ook een dame, die ik elke week op de training zie, en die me normaal nooit groet. Maar die me nu aansprak. Behalve de wartaal die ze uitkraamde, kwam vooral een sterke alcoholgeur uit haar mond. Blijkbaar moeten dames eerst goed zat zijn vooraleer ze iets tegen mij durven te zeggen, dacht ik toen. Wat was ik benieuwd om te vernemen of ze me de woensdag daarna op de training ook zou komen groeten. Dat gebeurde dus uiteraard niet en... inderdaad, ik geef er niet om.

Een week later werd ik bij het binnenrijden van het sportcomplex hartelijk begroet door alweer een andere moeder van een spelertje. En toen ik even later mijn positie aan de zijkant van het speelveld had ingenomen, was er ook nog een andere dame die me een hand kwam geven en het beste wenste voor het nieuwe jaar. "Hé", dacht ik, "wat is hier aan de hand?" Wat kon er nu aan mij zijn veranderd, waardoor ik opeens door het vrouwvolk werd opgemerkt? Ha! Geloof het of niet, maar die ochtend was mijn haar door een kapster aan huis bijgeknipt. Alhoewel, zouden die dames dat hebben opgemerkt? En vooral: was ik daardoor zoveel knapper geworden? Allicht toeval dus. Dat bleek ook de daaropvolgende zaterdagen, toen ik als vanouds, wederom lucht was voor de meeste daar aanwezige mannen en vrouwen.

Toch één lichtpunt: bij afloop van het tornooi heeft men ter wille van mij de trofee-uitreiking verplaatst van de, op de eerste verdieping gelegen en enkel per trap bereikbare, cafetaria, naar de sportzaal. Zo was ik in staat mijn éne zoontje zijn trofee van beste doelman van het tornooi in ontvangst te zien nemen. Die dag zijn we trouwens onder de neerdwarrelende vlokken door een ettelijke centimeters dik sneeuwtapijt huiswaarts gekeerd.

Ru(sh)di(e), 21 maart 2003 (revisie op 18 april 2009)

Commentaren

goeie morgen Rudi die moeten bang zijn van hun uitlatingen zeker als ze in nuchtere toestand niks meer durven zeggen :-)

toch goed thuisgeraakt door de sneeuw en niet geslipt hoop ik :-)

proficiat aam je zoon met zijn trofee van beste doelman !!
fijne zaterdag hé
groetjes

Gepost door: Borriquito | 18-04-09

Als er een dag komt dat ze extra gezond verstand verkopen in de winkel sta ik al een uur tevoren aan te schuiven en koop ik alles op om het uit te delen denk ik. Hoe idioot kunnen mensen zijn om iemand die niet kan stappen te vermijden ? Alhoewel ik moet niet veel zeggen op het moment. Sinds sommige mensen weten dat ik kanker heb vermijden ze mij ook. Tegen mijn man zeggen ze dan telkens "tja we weten echt niet hoe we tegen Chris moeten reageren" Raar want ik wist niet dat een ziekte een mens kan veranderen. Ben al van plan geweest om af en toe te laten vallen dat ziek zijn niet altijd besmettelijk is.

Gepost door: Chris, Laika en Chesko | 18-04-09

Ik heb uw schrijfsels over het UZ Gent gelezen ;-) misschien kom ik je daar wel eens tegen! Wie weet:-) Persoonlijk vind ik het eten best lekker, en sommige van die gebakjes worden door een bakker in het UZ zelf gemaakt en die zijn echt heerlijk!

Het was een gezellige drukte deze ochtend in Gent, héél veel toeristen en dat op een zaterdag, met camera, dat vind ik altijd zo speciaal dat mensen zo geïnteresseerd zijn in mijn stad. Ik ga graag opzij als ze aan het fotograferen zijn :-) Tegen de middag, toen het al wat drukker werd, ben ik, ja ik kreeg honger, naar huis gegaan ;-)

Groetjes!

Gepost door: Ourlipsaresealed | 18-04-09

Hoi Rudi, mensen zijn soms niet te schatten, hé :-(
Ik vind wel dat een groet het minste is wat ze kunnen doen! Op een handicap rust toch geen taboe zeker?!
In deze 'moderne' tijd zou een mens beter moeten weten!
Groetjes,

Gepost door: Ri@ | 18-04-09

De commentaren zijn gesloten.