06-01-11

De avonturen van Rudi & Co - Koude douche

   

Niet voor niks gaf ik mezelf op netlog de naam ‘SuperSchlemiel’ (pechvogel) toen mijn zonen me bijna tweeënhalf jaar geleden aanmoedigden om net als hen een account te openen op deze, vooral bij de jeugd populaire sociale netwerksite. Mijn zonen waarvan er, uitsluitend ten gevolge van een gebrek aan voldoende inzet en studie-ijver één slechts zeer nipt zijn schooljaar met vrucht kon afsluiten en de andere jongen met een compleet teleurstellend resultaat naar huis kwam. Waar hij trouwens zelf van is geschrokken. Hij zit nu hoog in de Zwitserse bergen, op vakantie met de ziekenbond. Hopelijk komt mijn kind morgen voldaan terug en vol goede moed om samen met zijn ouders te beslissen hoe en waar hij het volgende schooljaar gaat aanvatten.

Ongeveer anderhalve maand geleden had ik een verkoudheid. Die begon met een lopende neus, wat geen problemen opleverde. Maar later werd het vocht dat, bij het snuiten, uit mijn neus kwam, alsmaar minder liquide en veranderde in kleur van doorzichtig en wit naar geel. Wat leidde tot benarde momenten en een terechte vrees dat de slijmen taai en plakkerig zouden worden en mijn luchtwegen zouden blokkeren of dat er zich op de slijmen een virus of bacterie zou nestelen met levensbedreigende ademhalingsproblemen tot gevolg. Dat is mij immers reeds eerder overkomen.

Gelukkig bleef deze miserie me bespaard. Naar ik vermoed deels door mijn fel verbeterde fysieke conditie, waardoor mijn lichaam terug weerbaarder is geworden ten overstaan van ziektes en ik bovendien beter in staat ben geweest om de slijmen los te hoesten. Ophoesten was er nog niet bij, maar verplaatsen van luchtpijp naar slokdarm lukte wel.

Mijn ziek zijn sleepte wel een aantal weken aan, maar ik kon vrij normaal functioneren, dus die lange nasleep was niet echt belastend. Mentaal noch fysiek. De gedachte dat mijn sinds eind 2009 gestarte aangepaste leefgewoontes, met (veel) meer bewegen, gezonder en (veel) minder eten en dagelijkse ademhalingsoefeningen, me er vast ten dele voor hadden behoed zwaar ziek te worden, leverde een serieuze motivatie op om er mee door te gaan.

Op het einde van mijn ziekteperiode werd ik op zekere nacht wakker met een schok. Door de loeiharde echo van mijn ademhaling in mijn linkeroor, gepaard gaande met een enorm geruis. Nu is het zo dat mijn lichaam en ik op dat vlak wel wat gewoon zijn, want ik leid reeds sinds een kwarteeuw aan tinnitus. Maar de orkaan welke die nacht blijkbaar door mijn linker gehoororgaan raasde, daar schrokken we toch van op.

Toen tijdens de dagen die daarop volgden dat probleem zich continue bleef voortdoen, contacteerde ik mijn huisarts. Die kwam langs, keek met zijn otoscoop in mijn linker gehoorgang, zag daar wat opgepropt oorsmeer zitten en concludeerde dat dit de oorzaak was van mijn probleem. Wat ik maar al te graag aannam. Alhoewel ik toch mijn twijfels had bij deze diagnose. Maar ik volgde toch zijn advies op om de neus-, keel- en oorarts te contacteren om die oorprop weg te nemen.

Nu is het zo dat ik, met mijn grote elektrische rolstoel, niet in die specialist zijn praktijk binnen geraak. Het ongelukkig toeval wou dat, toen ik de arts contacteerde, die net de volgende dag aan een weekje vakantie begon, zodat het minstens een week zou duren vooraleer ik eventueel in het ziekenhuis bij hem op consultatie kon komen. Dus wachtte ik noodgedwongen af. En doorspartelde de dagen, voortdurend vermoeid door het continue geruis en de nagalm van mijn eigen ademhaling en gepraat.

De week erna lukte het me niet meteen om de orl- arts aan de lijn te krijgen. Tijdens het weekend dat daarop volgde bezorgde het lawaai in mijn linkeroor me bijzonder veel last. ’s Maandags contacteerde ik meteen een huisarts van wie ik vermoedde dat die mij misschien zelf verder zou kunnen helpen. De man raadde mij aan om bij de apotheker een product te halen om in mijn oor te druppelen, zodat de oorprop zou losweken, waarna hij deze dan bij mij thuis zou komen verwijderen.

De zaterdag na mijn telefonisch onderhoud met de arts, stond die ’s ochtends aan mijn voordeur. Hij vulde een spuit met kraantjeswater en spoot die leeg in mijn oor, terwijl mijn assistente, die even als doktersassistente mocht fungeren, een eetbord onder mijn oorschelp hield voor het opvangen van het terugkerende water en twee harde blokjes oorsmeer.

Het verhoopte resultaat bleef evenwel uit. Het ruisen was niet gestopt en toen ik sprak bleek ook die echo er nog steeds te zijn. De arts keek nog eens met zijn otoscoop in mijn oor, maar kon niks verdachts waarnemen. Geen obstructie te zien; mijn gehoorgang was vrij tot aan het trommelvlies. De arts achtte een mogelijke oorzaak van mijn problemen een druk te zijn van slijmen op de buis van Eustachius, de verbinding tussen het middenoor en de keel. In een poging om mij vooruit te helpen schreef de dokter een receptje voor dat de apotheker diende te bereiden en mij in pilvorm aanleveren, alsook een spray om dagelijks in mijn neus te vernevelen.

Na anderhalve week vruchteloos spuiten en pillen slikken nam ik telefonisch contact op met de voorschrijvende arts. Om hem het voor mij trieste nieuws te melden dat de door hem voorgestelde therapie helaas geen soelaas had gebracht. De arts vond dat jammer en kwam met het voorspelbaar verdict dat hij me niet verder kon helpen en diende door te verwijzen naar de NKO- arts.

Die ik dan maar terstond telefonisch contacteerde. En ik had geluk deze keer, want ik kreeg de man meteen aan de lijn en kon reeds de volgende dag bij hem terecht, op de spoedafdeling van het ziekenhuis. Waar ik me stipt op het afgesproken tijdstip aanmeldde. Waarop de arts meteen zijn otoscoop ter hand nam en na mijn hoorapparaatjes te hebben verwijderd, de gehoorgangen onderzocht en luidop vaststelde dat deze volledig rein en vrij waren.

Maar waar kwam dat geruis en die echo dan vandaan? De arts bekeek me even aandachtig en vroeg toen of ik toevallig op korte termijn veel gewicht had verloren. Waar ik, naar waarheid, bevestigend op antwoordde. Waarop de specialist me meedeelde dat de oorzaak voor mijn problemen allicht daar te vinden was. Hij meldde me dat er zich rond de buis van Eustachius gewoonlijk vetweefsel bevind, dat er voor zorgt dat de wanden van deze slappe buis tegen elkaar aan liggen. Enkel bij slikken of geeuwen gaat de buis even open. Volgens de arts is bij mij dat vet allemaal weggeslonken. Een fenomeen dat zich wel vaker voordoet bij mensen die op korte tijd veel kilo’s (vetweefsel) verliezen. Het gevolg hiervan is dat de buis van Eustachius continue open staat, met alle problematiek van dien, zoals ik ‘mag’ ervaren.

Een adequate therapie om het probleem te verhelpen zou er niet zijn. Volgens de dokter zou terug een kilo of twee bijwinnen aan gewicht mogelijks soelaas kunnen brengen. Voorts wordt er geëxperimenteerd met Chinese kruiden, maar dat leidt nogal vaak tot bijwerkingen. Dus zie ik dat NIET meteen als een optie.

De diagnose stelde me enerzijds gerust, omdat kiezen voor een complexe chirurgische ingreep geen optie is, maar anderzijds betekent dit voor mij de zoveelste extra fysische en mentale last. En een zware bijkomende beperking van mijn levenskwaliteit. Als een koude douche krijgen op een kille winterdag was het te moeten concluderen dat mijn gezonder leven zulk een onaangename nevenconsequentie met zich meebracht. Gestraft worden ten gevolge van iets waarmee ik dacht goed bezig te zijn.

Tenminste als de therapie van opnieuw wat gewicht bijwinnen niet leidt tot een oplossing voor het probleem. Want ik ga in elk geval de komende tijd elke dag een vieruurtje eten om zo, zonder voor het overige mijn eetpatroon te hoeven wijzigen, terug een kilo of twee aan lichaamsvet aan te kweken. Waarvan zich dan hopelijk een klein beetje nestelt rond de buis van Eucharius van mijn linkeroor.

Dit probleem komt werkelijk zeer ongelegen, want ik heb al een heleboel zorgen waar ik het hoofd aan moet bieden en alweer een aantal acute problemen waar dringend een oplossing voor moet worden gevonden. De zomerperiode is voor mij dus wederom slecht gestart. Dezer dagen ben ik elke avond blij als het tijd is om mijn bed in te gaan, mijn veilige haven. Maar oh bittere ironie. Dit toevluchtsoord laat het ook al afweten, want mijn amper een jaar oud elektrisch bediend hoog-laag comfortbed is stuk!

Al die tegenslag valt me zwaar, maar ik durf er nog steeds op te hopen dat het tij wel eens zal keren. Statistisch gezien maak ik trouwens behoorlijk veel kans op voorspoedige jaren. Laat me hopen dat die statistieken nu eens uitkomen. Wat best kan, want zie, een eerste lichtpuntje werd zichtbaar toen ik daarnet voorbij het enige restaurant in onze buurt reed en vaststelde dat de uitbaters van die Chinese eettempel, aan hun toegangsdeur een hellend vlak hebben aangelegd. Wat ook mij in staat stelt er binnen te geraken. Dus plan ik er eerstdaags eens met mijn gezin te gaan eten. Wie weet kom ik er, mijn maag volgepropt met op de wok bereide etenswaar, wel buiten met wat kilo’s meer, veel minder ruis in de oren en ZONDER echo!

Ru(sh)di(e), 9 juli 2010 (publicatie op mijn blog 'Rudi's kijk op de wereld'), revisie op 25 december 2010.

Commentaren

Hoi Rudi,

Is t ondertussen in orde gekomen met jouw oor?
Heeft een kleine gewichtstoename positief gewerkt?

Nu we toch aan t begin van een nieuw jaar zitten en allerlei wensen onze richting uit komen, wil ik jou ook voor dit jaar alleen maar positieve dingen wensen!
Van negatieve heb jij je deel al wel gehad zeker?!
Groetjes,

Gepost door: Ri@ | 06-01-11

De commentaren zijn gesloten.