24-01-11

De avonturen van Rudi & Co - Vakantie

Vele jaren lang bracht ik mijn vakantie door in Graskant, in de buurt van Nieverans. Na recentelijk een tip op de radio te hebben gehoord, heb ik voor dit jaar in allerijl nog een last minute geregeld naar de Costa Mijngazon, nabij Pelouse. Dit verblijfsoord toont wel opvallend veel gelijkenissen met mijn vroegere vakantieplek, maar een mens in vakantiestemming maalt daar niet om.

Echt op vakantie gaan zit er voor mij, voor het tiende jaar op rij, helemaal niet in. Nochtans had ik vurig gehoopt deze zomer eens een weekje aan de kust te kunnen doorbrengen. Maar het zal er helaas niet van komen. Hopelijk krijg ik wel een daguitstap met het gezin naar de Noordzeekust georganiseerd. Want na ze het ganse vorige kalenderjaar ook al niet te hebben gezien, verlang ik werkelijk naar de golvende zee, het zandstrand, de duinen en de gezonde zoute lucht aldaar. Om nog te zwijgen over al het bijkomstige maar evenzeer geapprecieerde moois dat er doorgaans valt te bewonderen.

Gelukkig hoef  ik dit jaar niet de ganse periode alleen door te brengen, maar houden mijn gezinsleden me het grootste deel van de tijd gezelschap. Van het feit dat de Oost-Vlaamse provinciehoofdstad, waar ze de voorbije week druk aan het feesten zijn geweest, op korte afstand ligt van ons vakantieverblijf, hebben we trouwens dankbaar gebruik gemaakt om daar ook even de sfeer te gaan opsnuiven.

Mijn puberende zoons vonden dat uitje reeds bij voorbaat allesbehalve de max, want op stap gaan met je ouders wordt door kinderen uit hun leeftijdscategorie als niet cool bestempeld. Toch heb ik hen zo nu en dan, op een onbewaakt moment, wel eens zien verwonderd of bewonderend kijken, glimlachen en zelfs genieten van de straatacts en de podiummuziek.

In één van die talloze over de pleintjes en straten van de binnenstad verspreide verkooptentjes, kon je T-shirts kopen met allerlei opschriften. Terwijl de jongens met hun ma de andere daar te koop aangeboden prullaria van dichtbij gingen bekijken, las ik de opschriften van de hemdjes. Eentje ervan vond ik wel leuk. Namelijk dit met de tekst: “Tell ur boobs to stop staring at my eyes” (zeg jouw borsten op te houden met naar mijn ogen te staren). Waarschijnlijk reeds sinds jaren verkrijgbaar, maar helmaal nieuw voor mij.

Een half uurtje later kreeg ik zin in een ijsje en troonde daarom mijn gezellen mee naar de Italiaanse ijsjeskar, die ik vanuit de verte had opgemerkt. Er stond een lange rij wachtende mensen voor ons. Wat ik persoonlijk niet zo erg vond, want de persoon die ijsjes stond te scheppen was een knap verkoopstertje. Dat tijdens haar werkzaamheden haar geduldige klanten beloonde met een niet te vermijden, noch te versmaden, inkijk op haar fraaie boezem.

Tot haar compagnon, waarschijnlijk de vriend van het meisje, in de gaten kreeg dat de in hoofdzaak mannelijke klandizie, meer oog had voor de mooi gevormde, lichtbruin gekleurde bollen in het meisje haar topje, dan in de in allerlei kleuren en smaken beschikbare, uit de diepvriesvakken geschepte ijscrème bollen. De kerel nam over en liet het meisje enkel nog toe als kassierster te fungeren. In welke functie een diep voorover buigen niet langer nodig was.

Het kan toeval zijn, maar na deze wissel slonk de rij aanschuivende klanten al even snel weg als mijn net gekochte, in een koeken hoorntje gedeponeerde bolletje vers schepijs met pistachesmaak smolt, door de warmte van de zon en mijn gulzig likkende tong.

Helaas toch weer een minpuntje op deze feesten. Goed bedoeld, maar daarom niet minder beledigend kwam, terwijl wij naar een optreden keken, een man mijn echtgenote meedelen dat ik ook vooraan, op een speciaal voor rolstoelers voorziene plek kon gaan staan. Zelfs toen ik die kerel zelf aansprak, bleef zijn aandacht enkel op mijn eega gericht. De man zal nog eens grondig moeten worden gesensibiliseerd. Zo een invalidenplekje vind ik trouwens niks voor mij. Je ziet dan vaak wel meer van wat er op het podium gebeurt, maar mist de aanwezigheid van je gezellen en het je opgenomen voelen in de menigte. Als je trouwens de pech hebt dat er net die avond een groepje gehandicapten uit een instelling op die plek wordt gedropt, maak je trouwens veel kans voornamelijk de keelklanken van dat enthousiaste publiek te horen, terwijl dat echt niet de bedoeling is. Waarmee ik uiteraard niet wil zeggen dat ik die mensen hun amusement niet gun, want het tegendeel is waar.

Afsluiten doe ik, als naar gewoonte, met nog iets plezant en positief. Toen wij het feestgewoel al verlieten, arriveerden er vier vrolijke jonge feestvierders die gezamenlijk een opklapbare lange zitbank in hun armen en handen meezeulden. Slim bekeken, zo een mobiele zitplaats annex stapodium. Persoonlijk sleep ik ook overal een zitplaats mee naartoe. Maar enkel voor mezelf. En de armsteunen van mijn vehikel zijn alleen bruikbaar als verhoog voor kleine kinderen, dus helaas niet langer meer voor mijn eigen kroost. Maar die kerels zijn nu al groot genoeg om alles goed te kunnen bezien van op de begane grond.

Ru(sh)di(e), 25 juli 2010 (publicatie op mijn blog 'Rudi's kijk op de wereld'), revisie op 25 december 2010.

De commentaren zijn gesloten.